TARIEVEN
De staat van kosten en ereloon omvat bij ons drie elementen: het ereloon, de (kantoor)kosten en de gerechtskosten en uitgaven.
Bij Christoffels Advocaten werken wij op een transparante en eerlijke wijze. Alle kantoorkosten zijn inbegrepen in het uurtarief, zodat u nooit voor verrassingen staat.
Bij de aanvang van elk dossier worden de tarieven en de vermoedelijke kostprijs met u besproken. U ontvangt geregeld tussentijdse staten van kosten en ereloon, zodat u steeds een duidelijk beeld heeft van de stand van zaken en de aangerekende bedragen. Er kunnen voorschotten gevraagd worden gedurende de looptijd van het dossier. Alle bedragen zijn exclusief 21% BTW, tenzij anders vermeld.
Hieronder vindt u een overzicht van de gehanteerde tarieven.
Het ereloon is de vergoeding voor de door de advocaat geleverde juridische diensten. De berekeningswijze wordt steeds vooraf met de cliënt besproken. Er zijn drie mogelijke methoden:
Het ereloon wordt berekend op grond van de gepresteerde uren. In het uurtarief zijn ook alle kantoorkosten inbegrepen (zoals administratieve verwerking, correspondentie, kopieën en verplaatsingskosten). Het uurtarief omvat onder meer:
Het uurtarief bedraagt € 150,00 excl. BTW (€ 181,50 incl. 21% BTW).
Dit is een percentage op het in geld gewaardeerde belang van de zaak. Het ereloon wordt in voorkomend geval berekend per schijf overeenkomstig de onderstaande schaal:
Indien de te leveren prestaties vooraf kunnen worden bepaald, kan er met de advocaat een forfaitair bedrag worden afgesproken. Dit forfaitair bedrag wordt berekend op basis van het gemiddelde ereloon voor soortgelijke zaken.
De uitgaven zijn kosten die de advocaat heeft voorgeschoten aan derden in het kader van uw dossier. Deze kosten worden afzonderlijk aangerekend, steeds op basis van de werkelijk gemaakte uitgaven, en worden nauwkeurig en gedetailleerd opgenomen in de staat van kosten en ereloon. Voorbeelden van uitgaven zijn onder meer:
Terugbetaling advocaatkosten
Sinds 1 januari 2008 heeft een winnende partij in een proces het recht om (een deel van) het ereloon en de kosten van zijn advocaat te laten vergoeden door de verliezende partij ( = ‘verhaalbaarheid van de erelonen’ ).
Deze tussenkomst is forfaitair. Het is de rechter die het precieze bedrag zal bepalen. Het bedrag, zowel het basisbedrag als het minimum- en het maximumbedrag van de rechtsplegingsvergoeding staat in het KB van 26 oktober 2007.
In beginsel kent de rechter het basisbedrag toe. Als minstens één van de partijen hierom vraagt kan de rechter, op basis van 4 in de wet opgesomde gronden, het basisbedrag verlagen of verhogen binnen de grenzen van het minimum en het maximum. De rechter moet zijn beslissing in geval van verhoging of verlaging van het basisbedrag motiveren.
Bij zijn beoordeling houdt de rechter rekening met:
- de financiële draagkracht van de verliezende partij, om het bedrag van de vergoeding te verminderen;
- de complexiteit van de zaak;
- de contractueel bepaalde vergoedingen voor de in het gelijk gestelde partij;
- het kennelijk onredelijk karakter van de situatie.
De in het ongelijk gestelde partij die van de tweedelijns juridische bijstand (pro Deo) geniet, wordt slechts tot het minimumbedrag van de rechtsplegingsvergoeding veroordeeld, tenzij in geval van een kennelijk onredelijke situatie.
Kostenloze juridische bijstand
Als uw inkomen binnen bepaalde grenzen ligt, dan kan u beroep doen op volledige of gedeeltelijke kosteloze juridische bijstand.
Contacteer ons voor de huidige inkomensgrenzen.
Er wordt rekening gehouden met het volledige gezinsinkomen.
Bij een verzoek tot kosteloze juridische bijstand dient u een attest gezinssamenstelling en recente inkomstenbewijzen (bv. loonfiches, attest werkloosheidskas) te voegen.